De zachte landing is geen vrijbrief

De zachte landing is geen vrijbrief

De 5 grootste misvattingen over zzp inhuur in de bouw
Door Ralph Gehring, Businessmanager, Younited®

De afgelopen weken spreek ik veel bouw- en infrabedrijven. Steeds vaker hoor ik dezelfde reactie: “Wij wachten nog even. De zachte landing is verlengd.” Dat klinkt logisch, maar is een gevaarlijke misvatting. Juist dit uitstel zorgt ervoor dat organisaties straks worden ingehaald door risico’s die nu al concreet en zichtbaar zijn in de sector.

De vijf grootste misvattingen die ik in de bouw hoor, en waarom ze niet kloppen.

 

Misvatting 1. Tijdens de zachte landing gebeurt er niets

Sinds 1 januari 2025 handhaaft de Belastingdienst weer volledig op schijnzelfstandigheid. Bedrijfsbezoeken, verdiepend onderzoek en naheffingen maken daar expliciet onderdeel van uit. Wat de zachte landing hierin doet, is beperkt. Verzuimboetes zijn tijdelijk opgeschort, maar de beoordeling van arbeidsrelaties en correcties lopen onverminderd door.

Volgens Bouwend Nederland lopen momenteel bij tien tot twintig bouwbedrijven tegelijk controles naar de inzet van zzp’ers. Bij meerdere bedrijven is al aangezegd dat de situatie binnen enkele maanden moet worden aangepast. Gebeurt dat niet, dan volgen naheffingen en vanaf 2026 ook boetes.
De gedachte dat “er nu niets gebeurt” klopt simpelweg niet.

 

Misvatting 2. Het risico zit pas in de toekomst, het zal zo’n vaart niet lopen

De risico’s spelen nu al en zijn geen theorie meer.

Een actueel voorbeeld is Van Gelder Groep uit Elburg, een van de grootste infrabouwers van Nederland. Volgens Het Financieele Dagblad spreekt de Belastingdienst met Van Gelder over een naheffing van enkele miljoenen euro’s vanwege de inzet van zzp’ers die mogelijk als schijnzelfstandig worden aangemerkt.

De Belastingdienst bevestigt daarbij dat de bouwsector een belangrijke focussector is in de huidige aanpak van schijnzelfstandigheid. Het gaat hierbij niet alleen om boetes, maar om naheffing van belastingen en premies met terugwerkende kracht, maximaal tot 1 januari 2025.

Bij herkwalificatie beschouwt de Belastingdienst de betaalde zzp‑vergoeding als nettoloon. Dat bedrag wordt vervolgens gebruteerd, waarna loonheffingen en premies volgen. In de bouw leidt dit vaak tot een naheffing die in 2026 kan oplopen tot 50 procent van het jaarbedrag per zzp’er. Een vakman die voor €60.000 per jaar wordt ingehuurd, kan daardoor leiden tot een naheffing van ruim €30.000. Dat is nog zonder boetes en rente.

Voor kleinere organisaties die met meerdere zzp’ers werken, kunnen deze bedragen snel uitgroeien tot een onhoudbare financiële last. Een enkele herkwalificatie is al ingrijpend, maar meerdere tegelijk kunnen voldoende zijn om een bedrijf richting langdurige procedures of zelfs faillissement te duwen.

 

Misvatting 3. Wij vallen niet op

De bouw staat expliciet benoemd als kernsector in de handhavingsstrategie van de Belastingdienst. Brancheorganisaties en vakmedia signaleren dat controles steeds dieper de keten ingaan, van grote tot kleine organisaties. Niet alleen hoofdaannemers, maar ook onderaannemers en leveranciers worden meegenomen.

De reden is helder. Er is vaak sprake van langdurige inzet van zelfstandigen, een hoge afhankelijkheid van zzp’ers in de uitvoering en beperkt ondernemersrisico in de praktijk.
Wie structureel met zzp’ers werkt, valt per definitie binnen het risicoprofiel.

 

Misvatting 4. In 2026 krijgen we geen boetes

De gedeeltelijke verlenging van de zachte landing verandert de kern niet. Ook in 2026 blijft de Belastingdienst handhaven op schijnzelfstandigheid, met toetsing aan de bekende jurisprudentie zoals het Deliveroo‑arrest. Na constatering van schijnzelfstandigheid kan nog steeds een naheffing loonbelasting worden opgelegd, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2025.

Wat wél gelijk blijft, is dat er in 2026 geen verzuimboetes worden opgelegd. Tegelijkertijd ontstaat er een nieuw risico: bij aantoonbare kwaadwillendheid kan een vergrijpboete van 10 tot 100 procent van de naheffing worden opgelegd.

Net als in 2025 start de Belastingdienst in beginsel met een bedrijfsbezoek. Dat biedt ruimte om te corrigeren, maar beschermt niet tegen naheffingen of verdere stappen.

 

Misvatting 5. We kunnen altijd nog ingrijpen als het misgaat

In de praktijk werkt het anders. Bedrijfsbezoeken leiden steeds vaker direct tot verdiepend onderzoek als praktijk en theorie niet overeenkomen, arbeidsrelaties niet aantoonbaar zijn beoordeeld, zzp’ers hetzelfde werk doen als werknemers of er feitelijk sprake is van gezag of aansturing op de bouwplaats.
Na zo’n bezoek volgen vaak korte termijnen om constructies aan te passen. Lukt dat niet, dan start een boekenonderzoek. Daar ontstaan de grote financiële gevolgen.

Wachten betekent reageren vanuit een verdedigende positie.

Wat wél werkt: organiseer je zzp‑inhuur nu goed

Bouw- en infrabedrijven die hun risico’s beheersen, doen een aantal dingen structureel goed.

  • Zij beoordelen arbeidsrelaties aantoonbaar vooraf, en liefst ook tussentijds.
  • Zij zorgen voor goede dossieropbouw en transparante documentatie.
  • Zij passen de feitelijke werkwijze aan waar nodig, zodat praktijk en papier overeenkomen.
  • Zij werken met overeenkomsten die aansluiten bij de realiteit van het werk, bijvoorbeeld op basis van gangbare modelovereenkomsten binnen de sector.

Wat opvalt in lopende controles is dat een groot deel van de schade voorkomen had kunnen worden door eerder te handelen. Juist bedrijven die dit vóór een onderzoek op orde brengen, houden regie. Wie pas schakelt als de Belastingdienst aan tafel zit, is vaak te laat.

 

Tot slot

De zachte landing is geen vrijbrief.
Het is een laatste kans om je zzp‑inhuur duurzaam te organiseren.

Wil je weten hoe Younited® jouw organisatie helpt om zeker en zorgeloos zzp’ers in te huren?

Plan een adviesgesprek in met mij en ontdek hoe je de risico’s verkleint zonder dat de operatie vastloopt.

 

Direct in gesprek met Younited®
Feedback